De energietransitie in relatie tot lokaal produceren

Columns | 1102 keer bekeken
De energietransitie in relatie tot lokaal produceren

De meeste berichten die voorbij komen over het klimaatverdrag van Parijs gaan over het inzetten van alternatieve energiebronnen versus aardolie en steenkool. Alsof de keuze beperkt is tot de brandstof waarmee we de kachel opstoken. De werkelijke transitie waar we in zitten gaat veel verder en wordt door veel mensen niet gezien. Jeremy Rifkin heeft het helder uiteengezet in zijn boek De Derde Industriële Revolutie. Hij koppelt de bron van energie aan de wijze van communiceren. Hout was gekoppeld aan het gesproken woord. Met steenkool en toepassing van het schrift kwam de eerste industriële revolutie. De snelheid van de boodschap was gelijk aan die van de brenger van de boodschap. Aardolie en telefoonverbindingen zorgden voor de tweede industriële revolutie. De boodschap kon direct en gecodeerd overgebracht worden waardoor alles sneller kon. Dit heeft zich doorgezet tot en met de computer en spreadsheets met slimme rekenprogramma’s. We zitten nu op het kantelpunt van de derde industriële revolutie en dat is het gebruik van lokaal geproduceerde energie in combinatie met communiceren in netwerken.

Rifkin laat zien dat het wegvallen van een centrale energieleverancier een veel grotere invloed heeft op de samenleving dan velen denken. Het zelf of in kleine groepen opwekken van energie geeft autonomie en samen met deelnetwerken is dat de basis voor een andere manier van denken en handelen. Initiatieven zoals Uber, Airbnb, Peerby en de vele mogelijkheden om een maaltijd te bestellen zijn hier voorbeelden van. De EU met Merkel als voorloper hebben hier zwaar op ingezet. In Duitsland valt het concept goed omdat ze met een federale structuur werken. Vandaar dat veel steden en dorpen dit snel konden oppakken wat heeft geleid tot het hoge percentage energie dat ze zelf opwekken. Trump ziet dit niet en een aantal regeerders Europa zien het ook niet. Macron ziet het wel en wil graag mee. De jeugd ziet het ook en snapt soms niet meer waarom er gewerkt wordt op de huidige manier. Smit Kroes maakt zich er al jaren hard voor, zelfs toen het concept van Rifkin nog niet ingedaald was.

Veel ontwikkelingen lijken samen te vallen zoals het aanschaffen van zonnepanelen, kopen van lokale producten, lenen van gereedschap en het delen van auto’s via netwerken, maar de basis ligt in de combinatie van zelf energie opwekken met deelnetwerken. Onafhankelijk zijn van grote bedrijven, geen bureaucratie, van mens tot mens; in ieder geval het gevoel hebben dat dat zo is. Ongemerkt heeft deze wijze van handelen en denken bezit van ons genomen.

Wat betekent dit nou voor de wereld van verpakken?
Verkoop direct vanaf productie gaat toenemen. Het meenemen van maaltijden gemaakt door mensen in de wijk, afhaalmaaltijden etc. gaat groeien. Het is te verwachten dat er netwerken ontstaan waar meer services worden aangeboden, waar bijvoorbeeld ook pakjes worden afgegeven. Om even bij die maaltijden te blijven, dat wil dus niet zeggen dat er minder verpakkingsmateriaal verbruikt gaat worden. De aanvoer van ingrediënten zal op andere schaal zijn, en waarschijnlijk vanaf een andere bron en er zullen meer disposables gebruikt gaan worden. Er zullen verschuivingen optreden. Lokaal ‘branden’ zal ook groeien. Er zullen meer lokale merken komen.

Voor producten waarvoor een minimale schaalgrootte nodig is voor productie zal industrieel produceren blijven bestaan maar de schaalgrootte zal kleiner worden. Producenten van verpakkingen moeten naar kleinere productieseries. Producenten van verpakkingsmachines zullen richting machines moeten met een lagere capaciteit maar met grotere flexibiliteit van opbouw en voorzien van hoogwaardige technologie.

De ontwikkelingen die gaande zijn op het terrein van digitaal printen, kleine productieseries voor vouwdoosjes, 3D printen, kunnen allemaal in deze lijn geplaatst worden. Overigens denk ik zelf dat het printen van producten waarschijnlijk niet op hele grote schaal toegepast gaat worden. We zijn immers ook niet onze fotoboeken zelf gaan printen, het is veel gemakkelijker dit uit te besteden bij een service. De toekomst gaat het ons snel leren. Momenteel zitten we in overgangsperiode waarin concepten ontstaan, verdwijnen en soms weer terugkomen.

Als we grofweg stellen dat het gebruik van steenkool op industriële schaal in combinatie met overdracht op papier (papier en overdracht op papier is zelf natuurlijk veel ouder) begon rond 1800, aardolie en elektronica rond 1900 (eerste telegraaf 1835) en nu de zelfopgewekte energie met netwerken rond 2000 dan weten we dat een industriële revolutie niet snel voorbij is. De totale periode zal dus nog wel even duren maar vergeet niet dat we zijn inmiddels op bijna 20% van de tijdsperiode aangekomen zijn. De curve die de snelheid van veranderingen weergeeft ziet er uit als een normaalcurve en die zal vanaf nu snel gaan stijgen tot ca. 2040 en daarna weer afvlakken.

De jeugd heeft de toekomst en is opgegroeid in netwerken. Millennials halen de meeste informatie uit netwerken en dat betekent dat het gebruik van netwerken meegaat met de groep die de laatste jaren de arbeidsmarkt aan het betreden is. Bedrijven doen er goed aan zich te oriënteren op de komende veranderingen en strategische besluiten te nemen. Hoe? Neem bijvoorbeeld een millennial in dienst. De beste presentaties over millennials die ik gezien heb werden gegeven door millennials.

Aanmelden nieuwsbrief

Alles wat je zoekt, verpakt op één platform!
Meld jezelf aan voor onze nieuwsbrief en ontvang het laatste nieuws, innovaties, trends en ontwikkelingen uit de branche.

Deel dit artikel

Reacties (1)

Reageren
  • 25.07.2017 - 21:48 uur | Bart Lauwaert

    Een degelijk artikel dat stof tot nadenken geeft en "de waan van de dag / maand / jaar" ruimschoots overstijgt. En - toeval of niet - valt dit samen met een vraag van een prospect om een relatief kleine lokale productie van een vernieuwend product te voorzien van een functionele én attractieve verpakking. Vragen die zullen toenemen ...